Accijnsverhoging doorgevoerd per 1 januari, maar wat merkt de automobilist daar echt van? Dit artikel legt stap voor stap uit wat de veranderingen betekenen voor de pompprijs en voor de portemonnee.
Wat verandert er precies met de accijns op brandstof?
Per 1 januari is de accijns op een liter benzine verhoogd van €0,79 naar €0,84, een stijging van 5,6 cent per liter. Voor diesel gaat de accijns omhoog met 3,6 cent per liter en voor LPG met 1,3 cent per liter. Daarnaast wordt de eerder bestaande korting op accijnzen aan de pomp verder afgebouwd; die korting verdwijnt niet volledig, maar wordt kleiner.
Deze aanpassingen in accijns zijn keurig te vertalen naar extra kosten aan de pomp: met 5,6 cent extra op benzine betekent dat directer hogere literprijzen. Toch is de uiteindelijke impact op de consumentenprijs afhankelijk van meerdere factoren, zoals olieprijsbewegingen, pompbeleid en regionale verschillen.
Extra nuance: accijns is slechts één schakel in de hele prijsketen tussen ruwe olie en de benzinepomp. Kosten voor raffinage, logistiek en de marge van de pomp spelen ook mee en bepalen hoeveel van die accijnsstijging uiteindelijk zichtbaar wordt op het bordje bij het tankstation.
Hoeveel kost het je per tank en per liter nu echt?
Rekenvoorbeeld: een tank van 50 liter benzine wordt door de accijnsstap ongeveer €2,80 duurder als je puur naar die 5,6 cent kijkt. In veel berichtgeving wordt afgerond naar ongeveer €2,50 per 50 liter, omdat andere prijsschommelingen zoals kortingen en marges dat kunnen compenseren. In de praktijk ligt de extra kost dus rond die paar euro per tank, niet tientallen euro’s.
Kijkend naar de landelijke adviesprijzen — waarin ook duurdere snelwegpompen zijn meegenomen — staat Euro95 gemiddeld rond €2,19 per liter. Dat is een cent hoger dan op 1 januari, terwijl op de laatste dag van het jaar de landelijke adviesprijs nog op ongeveer €2,13 lag. Euro98 volgt een vergelijkbaar patroon en noteert nu rond €2,36, ongeveer vijf cent hoger dan op oudjaarsdag.
De belangrijkste les: de accijnsverhoging zorgt voor een opwaartse druk op de pompprijs, maar de feitelijke stijging aan de pomp is de optelsom van accijnsverandering én de dynamiek van de wereldolieprijs en lokale pompstrategieën.
Waarom voelt het niet als vijf cent per liter overal?
Ten eerste zijn adviesprijzen gemiddelden waarin hoge prijzen van snelwegstations en lage prijzen van lokale stations samenkomen. Dat betekent dat wie goed zoekt, vaak aanzienlijk goedkoper uit is dan de nationale adviesprijs. Door prijsapps en vergelijkingssites is het relatief eenvoudig om verschillen van tientallen centen per liter te vinden.
Ten tweede hebben pomphouders en merken eigen margepolitiek. Niet elke stap omhoog in accijns wordt één-op-één doorgerekend; soms absorbeert een tankstation een deel van de stijging tijdelijk om concurrentieel te blijven. Ook acties en fideliteitskortingen dempen de zichtbare stijging voor frequente rijders.
Tot slot beweegt de olie- en productiemarkt continu. Een daling in de ruwe olieprijs kan een accijnsverhoging deels neutraliseren, of zelfs zorgen dat de pompprijs door dalende grondstofkosten stabiel blijft, ondanks hogere heffingen.
Een extra punt om in het achterhoofd te houden is timing: sommige stations passen prijzen direct aan, andere volgen met een dag of twee vertraging. Die verschuivingen zorgen ervoor dat het effect van een accijnswijziging niet op exact hetzelfde moment bij alle consumenten voelbaar is.
Wat betekent dit voor verschillende rijprofielen?
Voor iemand die weinig rijdt en twee tanks per maand trekt, is de extra kostenpost relatief klein: enkele euro’s per tank leidt tot tientallen euro’s per jaar. Voor forensen met grotere maandelijkse verbruikscijfers loopt dat op: kiloknallers merken de wijziging sneller in de jaarlijkse brandstofrekening.
Wie een zuinige auto heeft of elektrisch rijdt, voelt deze stap minder. Voor eigenaren van oudere, dorstige benzinebakken of veelkilometers-rijders is elke cent per liter echter direct relevant. Met 5,6 cent extra per liter benzine kan wie bijvoorbeeld 25.000 kilometer per jaar rijdt en gemiddeld 1 op 15 haalt, al gauw een paar honderd euro per jaar extra kwijt zijn.
Praktische tip: iets zuiniger rijden, banden op spanning houden en slimme tankmomenten (bij lagere adviesprijzen) besparen veel meer dan zich blind staren op één accijnswijziging.
Een korte rekensom of een eenvoudige app die het maandelijkse verbruik bijhoudt helpt om precies te zien waar de grootste besparingen te halen zijn. Daarmee wordt duidelijk of investeren in zuinigere banden, zuinig rijgedrag of zelfs een andere auto op termijn echt uit kan.
Hoe verhoudt dit zich tot eerdere prijspieken en wat valt te verwachten?
Op het huidige prijsniveau zit de benzineprijs weer ongeveer op het niveau van 9 december 2025, voordat de korte termijndalingen inzettten. Dat betekent dat hoewel de accijns nu hoger is, marktbewegingen in december en begin januari een deel van de stijging hebben opgebruind. Voor gebruikers voelt het resultaat dus soms als ‘terug op oud niveau’ in plaats van een duidelijke sprong omhoog.
De toekomst hangt af van twee zaken: het beleid rond accijnzen en de wereldolieprijs. Als olieprijzen dalen, kunnen pompprijzen stabiliseren ondanks hogere heffingen; stijgen de olieprijzen mee, dan komt daar bovenop nog extra druk op de literprijs.
Voorlopig blijft het advies simpel: zoek goedkope pompen, tank niet bij snelwegstations als dat te vermijden is en check prijsvergelijkers. Kleine aanpassingen in rijgedrag en tankgedrag leveren vaak veel meer op dan alleen wachten op beleidsveranderingen.
Conclusie: is iedereen duurder uit na 1 januari?
Ja, de accijnsverhoging verhoogt structureel de kostprijs van brandstof: benzine met 5,6 cent per liter, diesel met 3,6 cent en LPG met 1,3 cent. In de praktijk is de extra afrekening voor de consument echter relatief beperkt: ongeveer een paar euro per volle tank benzine van 50 liter.
Omdat adviesprijzen landelijk gemengd worden beïnvloed door snelwegprijzen, pompstrategieën en de olieprijs, verschilt de ervaring per automobilist. Wie slim tankt en zuinig rijdt, kan de impact minimaliseren; wie veel kilometers maakt en vaak bij dure pompen stopt, merkt de accijnsverhoging sneller.
Kortom: niet panikeren, wel plannen. De accijnsverhoging is reëel en meetbaar, maar met een beetje inzet valt er nog genoeg te besparen.
FAQ
Hoeveel extra betaal je bij een volle tank van 50 liter?
Ruwe rekensom: bij benzine ongeveer €2,80 extra op 50 liter (5,6 cent per liter). In de praktijk ligt het rond een paar euro door kortingen en prijsbeleid.
Waarom zie je niet overal meteen die prijsstijging aan de pomp?
Pomphouders, regionale prijsverschillen en schommelingen in olieprijzen dempen of vertragen de doorgifte; sommige stations absorberen tijdelijk een deel van de stijging.
Wat zijn snelle tips om de impact van de accijnsverhoging te beperken?
Tank bij goedkopere lokale pompen, gebruik prijsvergelijkers, houd banden op spanning en pas rijstijl aan om brandstofverbruik te verlagen.
Bron: United Consumers








